De keizer de herders en het kind

Vanavond worden weer besluiten genomen
door regeerders met een zwarte bril in donker pak.
Zij knippen linten door en heffen glazen
als de bevolking wordt opgeteld en vastgesteld
op de harde schijf van de statistiek.

Vanavond wachten ook taxichauffeurs op een vrachtje
en een zwerver verkoopt zijn laatste daklozenkrant.
Verpleegsters zijn bezig aan het eind van de gang in het hospitaal
bewakers doen in de nachtdienst hun vaste ronde
en in de keuken van het restaurant wordt de vaatwas uitgeruimd.

Vanavond wordt ook ergens een kind geboren,
in een flatje in Chicago, op een eiland in de Zuidzee of waar dan ook.
Dat kleine wicht weet daar allemaal nog niets van,
alleen de moeder en de vader maken het van dichtbij mee,
en ze vragen zich af hoe het deze kleine zal vergaan.

En altijd zullen mensen blijven hopen op die kinderen
dar er een bij zal zijn die voor een ander wat betekent
dat er een bij is die mensen op weg helpt
dat er een bij is waar de wereld wat aan heeft.

Bij Lucas 2 vers 1, 8 en 7. Uit: ‘Licht dat nooit meer dooft, teksten voor advent en kerst’,
redactie: Karel Eykman, Jennine Staring, Sytze de Vries, Bette Westra e.a., Amersfoort: NZV Uitgevers, 2008, p. 41